Antwerpse hotels zijn klaar voor actiever promoten van Antwerpen als meetingstad

Freddy Michiels
Hotels
Panel Hotels groepsfoto.jpg(image/jpeg)
Boehlen Didier.jpg(image/jpeg)
Bogaert Annik-2.jpg(image/jpeg)
Busschop Bart-2.jpg(image/jpeg)
da Silva Els-3.jpg(image/jpeg)
Deneef Frank.jpg(image/jpeg)
Devolder Ann.jpg(image/jpeg)
Dhaene Jo.jpg(image/jpeg)
Goethals Martine-2.jpg(image/jpeg)
Hau Sebastien.jpg(image/jpeg)
Heylen Philippe.jpg(image/jpeg)
Marstboom Inge.jpg(image/jpeg)
Nuiten Peter-2.jpg(image/jpeg)
Peeters Rudi.jpg(image/jpeg)
Verstrepen Kristoffel-2.jpg(image/jpeg)

Toerisme in al zijn aspecten is wereldwijd een belangrijke bron van inkomsten geworden. Voor sommige landen zelfs de belangrijkste. Het aantrekken van deelnemers uit de zogenaamde meeting industrie is voor elk land en voor elke stad een belangrijk aandachtpunt geworden. Congressisten zorgen voor overnachtingen, zijn gul in de aankoop van lokale en andere producten en hebben de reputatie big spenders te zijn. Niet verwonderlijk dat het aantrekken van deze sector voor haast alle steden een prioriteit is en dat voortdurend aandachtspunten gecreëerd worden om het volume meeting-deelnemers te vergroten.

Antwerpen heeft congressisten zowat alles te bieden wat een gelegenheidstoerist op zijn verlanglijstje kan plaatsen: alles binnen wandelbereik, gevarieerd aanbod van kunst en cultuur, aantrekkelijke gebouwen, plaatsen en horeca-aanbod. Niet verwonderlijk dat iedereen met gekruiste vingers zit te wachten op het verruimde meeting-aanbod waaraan vanuit overheid en privé-initiatief gewerkt wordt. De overheden, waaronder de stedelijke overheid, voeren een flankerend beleid om ontwikkelingen mogelijk te maken.  In de eerste plaats is er natuurlijk het congrescentrum dat binnen de structuur van de Koninklijke Maatschappij voor Dierkunde (Elisabethzaal) wordt gebouwd en de in het vooruitzicht gestelde uitbreiding van Antwerp Expo. Maar ook aan nog andere initiatieven wordt gewerkt, die in de loop van de volgende jaren Antwerpen nog ruimer, nog aantrekkelijker en nog meer gegeerder op de internationale kaart moeten zetten. De Antwerpse hotels zijn ongeduldig om deze injectie van mogelijkheden zo snel mogelijk mee te kunnen maken.

Omdat de uitbouw van het meeting-segment voor Antwerpen zo belangrijk is en de economische crisis hoe dan ook de belangstelling voor de hotelsector verlamt, kijken de Antwerpse hotels ongeduldig uit naar de komst van deze uitbreiding van mogelijkheden. Om een beter inzicht te krijgen in de problematiek van de sector hotels en toerisme, organiseerden we naar jaarlijkse gewoonte een ontbijtvergadering, gevolgd door een panelgesprek met enkele tenoren uit de sector. We konden op de actieve inzet en medewerking van stad Antwerpen en Antwerpen Toerisme & Congres rekenen om dit panelgesprek zo functioneel mogelijk te houden en de toenadering van de twee partijen (stadsbestuur en hotelsector) te bevorderen.

We mochten volgende afgevaardigden van de hotelsector en van het stadsbestuur ontvangen op het Antwerps stadhuis, waar zowel het ontbijt als het panelgesprek plaats vond:

  • Vanwege Stad Antwerpen: 
  • Philippe Heylen, schepen voor Toerisme & Cultuur
  • Annik Bogaert (Antwerpen Toerisme & Congres)
  • Inge Marstboom (Antwerpen Toerisme & Congres)
  • Frank De Neef (Antwerpen Toerisme & Congres)
  • Vanwege de Antwerpse hotels:
  • Didier Boehlen (Radisson Blu Astrid)
  • (voorzitter Antwerp Hotel Association)
  • Bart Busschop (De Witte Lelie)
  • Els da Silva (City Inn Hotel)
  • Ann Devolder (Dema Hotels International)
  • Jo Dhaene (Accor Hotels)
  • Martine Goethals (Plaza Hotel)
  • Sebastien Hau (Tulip Inn Antwerpen)
  • Peter Nuiten (Lindner Hotel & City Lounge)
  • Rudi Peeters (Arass Suite Hotel)
  • Kristoffel Verstreken (Arass Business Flats)

Om de belangen van de hotelsector te optimaliseren en de mogelijkheden voor de klanten te vereenvoudigen werd vorig jaar AHA opgericht, de Antwerp Hotel Association, naar het voorbeeld van andere Belgische en internationale steden of regio’s.

84% van de Antwerpse hotels is reeds aangesloten bij AHA

De Antwerpse Hotel Associatie bestaat ondertussen één jaar. Tot wat heeft dit ondertussen geleid? Wat is er ondertussen gerealiseerd? En waaraan wordt nog verder gewerkt?

Didier Boehlen:  Een belangrijk onderdeel voor een succesvolle associatie is het aantal leden en daar mogen we best trots op zijn: 84 procent van de Antwerpse hotels is lid en de leden van de Raad van Beheer vertegenwoordigen samen 50 procent van het totale aantal hotelkamers in Antwerpen. De AHA wil uitgroeien tot hét aanspreekpunt voor de Stad, Toerisme Vlaanderen, VOKA en andere instanties. We hebben een goede start genomen. We zijn momenteel volop bezig met de ontwikkeling van onze website. Op deze site staan onze doelstellingen en onze leden vermeld en we hebben er ook een boekingsmodule opgezet. De site is momenteel nog een B2B-medium, maar we hebben de bedoeling te evolueren naar een B2C-site. Zo kunnen er gezamenlijke acties op de site gepromoot worden, zoals een zomerarrangement bijvoorbeeld. We willen ook een congresmodule op de site lanceren. De site moet uitgroeien tot een one-stop-shop voor het boeken van hotelkamers. Er wordt ook gewerkt aan een evenementenkalender en aan interactie met sociale media. Ook aan een betere samenwerking met de Antwerpse taximaatschappijen wordt gewerkt.

Schepen Philip Heylen: Ook als stadsbestuur zijn we enthousiast over de Antwerp Hotel Association. AHA biedt morgelijkheden om elkaar gemakkelijk te vinden en om gezamenlijke initiatieven te nemen. De Antwerpse hotelsector kan met de nieuwe Diabolo-verbinding naar Brussel een mooie troef uitspelen, al moet ik daar wel een serieuze kanttekening bij plaatsen. De Diabolotrein is een opportuniteit, maar rijdt momenteel maar een keer per uur en dat heeft weinig zin. Om de meeting-kamerbezetting te laten groeien in Antwerpen, heb je de infrastructuur nodig. De Diabolotrein zou zeker twee tot drie keer per uur moeten rijden én ook vroeger en later moeten rijden. Jammer dat Antwerpen niet betrokken werd bij het overleg. Ik heb de CEO van de NMBS uitgenodigd in Antwerpen om over de Diabolo te praten. Eind 2012 zou de Diabolo twee keer per uur gaan rijden, maar het moet nog beter.

Hoe zien ondertussen de vooruitzichten van het nieuwe congrescentrum in de Dierentuin eruit? Kan de planning die in het vooruitzicht gesteld werd (2014, uiterlijk begin 2015) gehaald worden? Antwerpen heeft, in vergelijking met Brussel en Gent het laagste percentage van kamerbezetting met betrekking tot MICE: 9% tegenover 17% voor Gent. Begrijpelijk dat de sector uitkijkt naar de realisatie van dit project.

Schepen Philip Heylen: De realisatie van de KMDA congreszaal is een tweede troef die de Antwerpse hotels in de toekomst zullen kunnen uitspelen. De congreszaal moet in 2015 klaar zijn. In de tweede helft van dat jaar vindt er al een groot congres plaats. We zijn erin geslaagd om het ISWA-congres rond afval naar Antwerpen te halen. Na Firenze, Korea, Brazilië en Wenen komt dit congres naar onze stad. ISWA is goed voor 500 tot 700 buitenlandse deelnemers.

Op internationale beurzen moet Antwerpen als  dé bestemming vernoemd worden

De prijsstelling van de Antwerpse hotels blijft duidelijk een moeilijk punt. Schepen Philip Heylen heeft vorig jaar al geadviseerd om niet bang te zinj om een redelijke, met buurlanden te vergelijken kamerprijs te vragen en te respecteren in ruil voor een ook met het buitenland te vergelijken service. Uit het hotelrapport 2011 van de Plantijn hogeschool vernemen we dat de hotels in Antwerpen een gemiddelde bezettingsgraad halen van 64% met een gemiddelde kamerprijs van 79 euro. Is dit voldoende om te overleven, laat staan te groeien? Aan de hand van de recente falingen in de hotelsector zou je denken van niet.

Martine Goethals: Die falingen brengen in elk geval niet zo’n frisse zaken naar boven. Een van die hotels had een schuldenberg van 400.000 euro. Het hotel sloot dan de deuren om even later opnieuw te beginnen. Zo is het niet moeilijk om de prijzen laag te houden.

Peter Nuiten: Zulke dingen gebeuren in elke stad. Ik ben het eens met Martine Goethals, maar ik geloof niet dat dit een invloed heeft op de prijzenpolitiek.

Rudi Peeters: We worden geconfronteerd met viersterrenhotels die prijzen hanteren van 47 euro per nacht. Dit is niet vol te houden. De hotels in Antwerpen zijn samen goed voor meer dan vijfhonderd miljoen euro aan vastgoed. Willen we deze degelijk renoveren is er 93 miljoen euro nodig. Op tien jaar afschrijven betekent dit dat er een verhoging van de prijs per overnachting nodig is van 9 euro en dat is met de huidige lage prijzen niet haalbaar.

Didier Boehlen: 64% bezetting is te weinig. Op het vlak van leisure overnachtingen zijn we goed bezig, maar we moeten meer inzetten op corporate overnachtingen. Daarvoor moeten we internationale markten aanboren.

Schepen Philip Heylen: In vergelijking met vorig jaar is de prijs van de overnachtingen licht gestegen, met ongeveer twee euro per kamernacht. Er zijn ook kamers bijgekomen. De essentie is dat we niet mogen toegeven op kwaliteit. Vooral met het Red Star Line museum mikken we op een internationaal publiek. Om de vraag te verhogen, is het nodig dat we onze stad internationaal promoten. Daarvoor moeten we samenwerken met de sector. Het moet van twee kanten komen. Op internationale beurzen moet Antwerpen als bestemming vernoemd worden. Hotelketens spelen hierin een belangrijke rol. Een goed hotel dat gekend is in Duitsland kan een invloed hebben op de stroom Duitse toeristen naar hier.

Didier Boehlen: We willen onze hand uitreiken. Op het gebied van meeting-overnachtingen kunnen de publieke en de privésector samenwerken, eventueel in PPS-verband. Ook de kleinere hotels moeten hierin meegetrokken worden. Ze zijn nodig om grote congressen te kunnen ontvangen in onze stad. Een goede samenwerking is nodig om snel een ‘bidding’ op dossiers te kunnen organiseren. Zeker in de dalperiodes zou er meer via bidding moeten kunnen gewerkt worden. Ik verwijs naar het WK bridge dat in januari in Oostende georganiseerd werd, weliswaar aan 50 euro per nacht, maar in januari is Oostende voor de rest leeg.

Kristoffel Verstreken: Ik hoor elk jaar dezelfde dingen. Een bezettingsgraad van 64%, het is de afgelopen tien jaar al zo. Ik zie geen evolutie. We moeten een duidelijk plan op papier zetten.

Annik Bogaert: Niet alles is kommer en kwel. De laatste tien jaar is het aantal overnachtingen met bijna  vijfentwintig procent (24,02%) gestegen. Wanneer we het aantal overnachtingen in Antwerpen in een Europese context plaatsen, zien we dat we ons in het eerste derde deel qua bezetting bevinden.

Martine Goethals: We draaien momenteel break-even. De vraag moet blijven stijgen. In dat verband is het belangrijk dat er in Antwerpen langlopende tentoonstellingen worden georganiseerd. Zo hebben de toeristen een excuus om nu naar Antwerpen te komen en de stad niet op een wish-list te plaatsen om er ‘ooit’ eens naartoe te gaan.

Schepen Philip Heylen: Toeristen laten de keuze van de bestemming niet enkel afhangen van een tentoonstelling. We moeten ook investeren in erfgoed. Zo is het permanent aanwezig erfgoed van de O.L.V.-kathedraal de eerste bestemming in Antwerpen. En toerisme heeft ook te maken met gezelligheid en kwaliteit. De hotels moeten ook investeren in hun infrastructuur. Sommige kamers laten op dat vlak te wensen over.

Martine Goethals: Er is een budget nodig voor internationale promotie. We moeten samen een visie ontwikkelen en actie ondernemen.

Didier Boehlen: We moeten ons daarbij focussen op het zakenleven en prioriteit geven aan corporate overnachtingen.

Kristoffel Verstreken: Op booking.com hebben bezoekers keuze uit 96 hotels wanneer ze de stad Antwerpen intypen. Dat waren er vroeger 54. Dit betekent dat de cake steeds meer verdeeld moet worden.

Didier Boehlen: We leven in een vrije markteconomie. Belangrijk is dat de hotels juist geclassificeerd worden. Ook een B&B kan promotie voor Antwerpen maken. Wel is het belangrijk dat iedereen op dezelfde manier belast wordt.

City Tax wordt betaald door de bezoekers en niet door de hotels

Als wij het goed begrepen hebben dan heerst er nogal wat “rumoer” bij de hotels omtrent de City Tax die hotels in Antwerpen betalen. Hoe zit dit precies in elkaar? Is dit noodzakelijk? Is een dergelijke City Tax ook in andere steden en landen van toepassing?

Schepen Philip Heylen: Het dossier rond de City Tax moet de komende maanden uitgeklaard worden. Nu hebben we een overeenkomst, die geldt tot en met het jaar 2013. Het zou goed zijn dat er begin volgend jaar vanuit AHA een voorstel zou geformuleerd worden als basis voor de besprekingen. De City Tax is geen belasting voor het hotel. Overal ter wereld wordt een City Tax betaald. We tellen in Antwerpen 1,6 miljoen overnachtingen. De City Tax bracht de stad 2 miljoen euro op. Dit is ongeveer twee euro per persoon per nacht. Ik ben bereid mee na te denken om de hotels te vergoeden voor het innen van de City Tax, bijvoorbeeld met 0,10 euro per overnachting, zoals in Nederland. Het beste is om een vast bedrag te hanteren, en geen percentage en dit bedrag apart op de hotelrekening te zetten, zodat het duidelijk is voor de klanten, welke bijdrage zij als bezoeker aan de stad betalen voor het gebruik van de stedelijke infrastructuur en diensten.

Els de Silva: We zijn het niet eens met de berekening van de City Tax. Het gaat om een vaste kost, die wel variabel geïnd moeten worden. In Oostende wordt 1 euro gerekend per kamer aan een bezetting van vijftig procent. Vijftig procent van dit bedrag wordt  rechtstreeks geïnvesteerd in marketing met inspraak van de sector.

Rudi Peeters: We innen dit bedrag en storten het door naar de stad. Het betekent een vermindering van de omzet. Voor onze sector is het een zeer dure kost.

Didier Boehlen: Het zou wenselijk zijn dat er meer transparantie is over wat er met dit bedrag gebeurt.

Schepen Philip Heylen: Het budget voor toerisme is heel wat groter dan de 3,2 miljoen aan City Tax.

Gelet op de matige kamerbezetting van de hotels, zou een tijdelijke hotelstop niet aangewezen zijn, in afwachting van betere vooruitzichten?

 Schepen Philip Heylen: Er komt geen tijdelijke hotelstop. We leven in een vrije markteconomie. Een ondernemer die met een hotel van start wil gaan, gaat niet over één nacht ijs. We zijn in Antwerpen geen vragende partij voor tien nieuwe hotels, maar wie wil investeren is welkom.

Hoe groot is het aandeel van de feestzalen in het beleid van de Antwerpse hotels? Hebben bedrijfsfeesten of evenementen de weg naar de hotels nog steeds gevonden?

Peter Nuiten: Feesten en evenementen spelen een belangrijke rol voor de hotels die over de capaciteit van een feestzaal beschikken. Wel speelt het aspect geluidsoverlast. Na één uur spelen wij geen livemuziek meer zodat onze gasten rustig kunnen slapen. Zo verlies je veel feesten. We focussen ons daarom meer naar de B2B-markt.

Didier Boehlen: De trend dat er minder feesten georganiseerd worden in hotels is al twintig jaar bezig. Wel speelt de B2B-markt een belangrijke rol. Hotels kunnen anderzijds ook profiteren voor wat de kamerbezetting betreft wanneer schitterende feesten op een andere prachtige locatie in de stadsomgeving plaats hebben.

Antwerpse hotels moeten Ambassadeurs van Antwerpen zijn

Welke manifestaties, congressen of seminaries hebben in onze regio plaats die belangrijk zijn voor de hotelbezetting? Hebben de hotels bijvoorbeeld “geleden” onder het wegvallen van het EK Zwemmen 2012 dat in het Sportpaleis had moeten plaats vinden?

 

Ann Devolder: Zeker hebben we nadeel ondervonden van het wegvallen van het EK zwemmen. We hebben een les geleerd. We moeten in de toekomst garanties vragen

Jo Dhaene: De periode wanneer iets georganiseerd wordt, is belangrijk en daar schort het soms in Antwerpen. Er wordt op dat vlak nooit samengezeten met de hotels. Het wegvallen van het EK zwemmen was ook slecht voor het imago van Antwerpen.

Didier Boehlen: Het wegvallen van het EK zwemmen is een les geweest. Wanneer er nog eens zoiets dreigt, moet er onmiddellijk een alarmbel afgaan en moeten we samen snel beslissen: halen we de organisatie binnen of laten we ze vallen.

Inge Marstboom: Organisatoren moeten op dat gebied ook geadviseerd worden. Wanneer ze zich op vlak van timing van de meeting flexibel opstellen, kunnen ze bijvoorbeeld voor overnachtingen betere prijzen krijgen.

Wat is het beste wat de hotelsector kan overkomen?

Ann Devolder (grappend): het EK zwemmen

Didier Boehlen: We moeten ons op de markt profileren als België en niet als Vlaanderen. Antwerpen is een mooie stad in België, net als Brussel, Gent,… België moet het eerste aanspreekpunt zijn. De Antwerpse hotels zijn de ambassadeurs van onze regio en dat zullen we moeten blijven doen, zoveel mogelijk in samenwerking met betrokken overheidsdiensten.

Frank De Neef: Zelfs met de nieuwe KMDA-congreszaal komen we nog altijd accommodatie te kort, zeker wanneer we groepen van meer dan drie- tot vierhonderd personen moeten ontvangen. Met de accommodatie waarover we beschikken is het nu niet mogelijk om het driestoelenprincipe te hanteren.

Martine Goethals: Bedrijven zijn belangrijke ambassadeurs voor ons. We moeten ze motiveren om te kiezen voor Antwerpen voor hun meetings en events.

Rudi Peeters: De Vlaamse overheid en Antwerpen moeten de hand uitsteken aan die bedrijven die in Antwerpen willen investeren. Het zal de economie ten goede komen;  iedereen zal er beter van worden.

Ann Devolder: Onze hotels zijn momenteel vooral gericht op leisure overnachtingen. Samenwerking met de stad Antwerpen is voor ons heel belangrijk. We krijgen veel support.

Jo Dhaene: Laat ons ieder onze eigen markt bewerken. Laat ons focussen op onze sterren en ze als tool gebruiken. Het is belangrijk dat hotels bij hun eigen sterrenclassificatie blijven.

Didier Boehlen: We hebben met de Antwerpse Hotel Associatie het voorbije jaar goed overleg gehad met de stad en daar wil ik Antwerpen voor bedanken. Onze beide inspanningen zijn lonend voor de toekomst van onze sector en voor de naambekendheid van Antwerpen als congresstad in de wereld.

Els da Silva: Ik wil een voorbeeld nemen aan Kopenhagen. Die stad heeft een mooi concept van congrescentrum uitgewerkt, waardoor het een zeer succesvolle meeting-bestemming is geworden. Dat kan Antwerpen ook. Onze hotels stralen kwaliteit uit. We hebben geïnvesteerd in kwaliteit. We moeten voor niemand onderdoen.

Peter Nuiten: We zijn op de goede weg. Met de realisatie van AHA hebben we zeker tien stappen in de goede richting gezet.

En als nu ook de economie bereid is van zich wat sneller te herpakken en de politici wat meer aandacht schenken aan de echte problemen die onze samenleving bezighoudt, dan wachten ons nog mooie tijden.

Interview: Freddy Michiels
Verslaggeving: Nicole Verstrepen
Foto’s: Wilfried Deferme

Webdesign Desk02